Burenbemiddeling in Vlaams-Brabant

In de kijker

Deze tekst wordt niet getoond

Burenbemiddeling in Vlaams-Brabant

Burenbemiddeling is een methode om conflicten tussen buren aan te pakken. Dat gebeurt op vrijwillige basis met de hulp van een onafhankelijke en onpartijdige persoon: de bemiddelaar. De buren in kwestie moeten zelf betrokken zijn bij het conflict, aanspreekbaar zijn en ook bereid zijn om samen naar een aanvaardbare oplossing te zoeken. Het conflict moet bemiddelbaar zijn en niet al het voorwerp uitmaken van een of andere gerechtelijke procedure (vb. vrederechter, proces verbaal politie ...). Het belangrijkste basisprincipe is dat de verantwoordelijkheid voor het oplossen van het conflict bij de burgers zelf gelegd wordt. Het spreekt voor zich dat de bijdrage van de vrijwillige bemiddelaar daarbij cruciaal is.

Burenbemiddelaars doen meer dan alleen het helpen oplossen van interpersoonlijke conflicten, ze maken ook deel uit van een groter proces. Want als de ruziënde buren opnieuw communiceren, en als het hen lukt om samen een duurzame oplossing te vinden, dan heeft de straat of de buurt er ook baat bij. De politie van haar kant boekt tijdswinst. De politie ervaart dat na een geslaagde bemiddeling, ze niet meer moet tussenkomen (of toch gedurende een langere periode), het verhindert alleszins escalatie van het conflict. Dat geldt overigens ook voor de vrederechter en het parket. Het is dus een goede investering in meer leefbare en aangename gemeenten.

Sinds 2002 neemt de provinciegouverneur van Vlaams-Brabant het voortouw om in de gemeenten van zijn provincie burenbemiddelingsprojecten op te starten.

In de provincie Vlaams-Brabant bieden 22 gemeenten burenbemiddeling aan.

Voor de burgers van de 43 andere gemeenten van de provincie staat het provinciaal netwerk met een 80-tal vrijwillige burenbemiddelaars klaar. Dit netwerk neemt aanvragen voor bemiddeling op in gemeenten waar voorlopig nog geen eigen project bestaat. Maar de praktijk wijst uit dat wanneer het aanbod van burenbemiddeling gebeurt door de gemeente zelf, de inwoner sneller de weg vindt om zijn conflict op te lossen via bemiddelingsgesprekken. Daarom stimuleert en ondersteunt de dienst maatschappelijk veiligheid gemeenten om zelf een lokaal project op te starten.

Sinds 2002 hebben 417 personen de basisopleiding burenbemiddelaar gevolgd. Hiervan is meer dan de helft (56%) een vrijwilliger, 31% volgt de opleiding vanuit professioneel oogpunt (gemeenteambtenaar of hulpverlener) en 13% uit de politie.

We beschouwen hen als ambassadeurs van de methodiek van bemiddeling. Door hun kennis van burenbemiddeling hopen we dat ze hun ruime omgeving overtuigen om bij conflicten hiervan gebruik te maken, eerder dan naar politie of het gerecht te stappen of erger nog het te laten escaleren tot de ergernis een obsessie is geworden.

Want uit de praktijk blijkt, dat als je de buren zover krijgt dat ze samen willen praten, ze in de meeste gevallen tot afspraken komen en de communicatie naar de toekomst is hersteld. We kunnen dit zeggen omdat we van bij de start ook ingezet hebben op een goede (anonieme) registratie.

Je ziet hier een tabel met enkele gegevens van de voorbije 7 jaar van alle lokale projecten in Vlaams-Brabant en het provinciaal netwerk samen. Het moeilijkste blijft het overtuigen van buur 2 om het conflict via bemiddeling aan te pakken. Iets meer dan de helft gaat hier op in (53%). Eens men samenzit met de bemiddelaars, resulteert dit tot afspraken in 83% van de bemiddelingsgesprekken. Het aantal aanmeldingen varieert van project tot project. De mate waarin de coördinator tijd kan/mag investeren in burenbemiddeling bepaalt in grote mate hoe intensief het project burenbemiddeling bekend is bij de inwoners en beïnvloedt het aantal aanvragen of aanmeldingen. Ruziënde buren zullen geen beroep doen op burenbemiddeling wanneer ze niet van het bestaan afweten.

Daarom zijn ook de doorverwijzers belangrijk, zoals politie (wijkinspecteur of interventieploeg), sociale huisvestingsmaatschappijen, gemeentelijke diensten (dienst ruimtelijke ordening, dienst milieu, dienst sociale zaken), burgemeester en schepenen en de hulpverleningssector (vb. Centrum Algemeen Welzijnswerk CAW).

Mensen komen soms klagen over een te hoge haag bij de gemeente, gewoon omdat ze de buurman hierover niet durven aanspreken. De oorzaken van een burengeschil kunnen bijzonder uiteenlopen: geluidsoverlast door radio of tv, blaffende honden, hanengekraai, spelende kinderen, slaande deuren, schelden en pesten, problemen rond tuin- of erfafscheidingen, overhangende takken of niet gesnoeide hagen, rondslingerend vuilnis of rommel, geur-, reuk- en rookhinder, enzovoort.

Per dossier registreren we dikwijls meerdere vormen van overlast. Op het totaal aantal aanmeldingen dat we voor de hele provincie Vlaams-Brabant kunnen noteren, komen overhangende takken, storende bomen en struiken (23%) als grootste probleem te voorschijn, gevolgd door geluidsoverlast (20%). In 13% van de aangemelde burenconflicten is er sprake van pesten of lastig vallen. Volgen daarop problemen mRet huisdieren (vb. blaffende honden), en de erfafscheiding of discussie over de grens tussen de percelen, beiden goed voor 8%.[1]

We zijn ervan overtuigd dat burenbemiddeling een goede manier is om conflicten tussen mensen die naast, boven, over of onder elkaar wonen, aan te pakken. De burger moet meer geïnformeerd worden over deze methodiek van conflictbeslechting.

Met zijn allen moeten we veel meer inzetten op het bekend maken van het concept burenbemiddeling.